Gepost op

Dag 4 | Runda & Ruyenzi vlakbij Kigali

Het is alweer de laatste dag deze week dat ik boeren in Rwanda interview. Dit keer blijven we dichtbij Kigali in de Runda sector. Dit kantoor is in 2015 geopend en heeft daarom minder klanten dan de andere regiokantoren. De boeren hier hebben het voordeel dat ze vlakbij Kigali zitten waardoor de transportkosten naar de grootste afzetmarkt relatief laag zijn. Het landschap is hier wat vlakker. Daardoor zie je er minder koffie en meer cassave of bijvoorbeeld suikerriet.

Uitzonderlijke ondernemer: Marie Jose Uwamahoro

Het laatste bezoek is het meest interessante bezoek. Eind vorig jaar heeft Marie Jose een lening afgesloten van €1.000,-. Ze verbouwt sorgo, zoete aardappel en suikerriet. Deze lening heeft ze geïnvesteerd in uitbreiding van haar plantages. Na aflossing van deze lening wil ze met een nieuwe lening een koffieplantage beginnen.

Boerin met 30 mensen in dienstHet is vier keer per jaar oogstseizoen en dan heeft Marie Jose 30 mensen voor zich werken die 3.000 Franc per dag verdienen, ongeveer €3,-. Dit is een goed salaris in de landbouw. Met de eerste opbrengsten heeft ze een winkel geopend in het dorp waar ze woont. Deze winkel ziet er ook erg netjes uit.

Het maandinkomen van Marie Jose is nu ongeveer €400,- en ze verwacht dat dit met haar koffieplantage erbij naar €1.300,- kan groeien. Hiervoor denkt ze een investering van €10.000,- nodig te hebben.

De regio Runda ligt vlakbij Kigali
Het gebied Ruyenzi bij Kigali ligt aan de rivier Nyabarongo, een prachtige plek om te wonen 🙂

Investeringskeuzes maken

Het wordt me deze week duidelijk dat het belangrijk is dat onze leningen bij de juiste boeren terecht komen. De ondernemers die schaalvergroting nastreven. Echte ondernemers dus. Daarvan ben ik er een aantal tegengekomen, waaronder Marie Jose. Of ze groot of klein zijn maakt niet, het gaat om ambitie. Een boer met ambitie is leergierig en wil weten hoe de oogst kan worden vergroot.

Een kleine boer in Rwanda verdient vaak maar €20,- tot €50,- per maand. Op termijn lijkt het mij niet anders te kunnen dan dat deze boeren verdwijnen. Zeker als de leergierigheid ontbreekt. Venuste, de president van CPF, vertelde me eerder dat deze boeren daar vaak geen enkel probleem mee hebben. Ze hebben niet geïnvesteerd en zijn eigenlijk blij dat ze van hun boerderij af zijn. Dat zal vast niet voor iedereen gelden, toch is het wel nodig om de oogst te laten groeien en de kwaliteit van de producten te verbeteren.

Wij blijven er steeds kritisch over nadenken in wie we investeren en waarom. Met het groter worden van ons fonds verandert dit. Zo investeren we nu in individuele boeren. Misschien is het in de toekomst beter om ook een keer in een coöperatie te investeren die boeren traint om de oogst te vergroten.

Delen